Wijknetwerken 12+
Jongeren die in de problemen raken, moeten snel geholpen
worden. Het liefst op de plek waar de problemen zich manifesteren. Dit is in de
woonomgeving, op school of daar waar ontspanning gevonden wordt zoals in een buurthuis.
Mensen die vanuit hun werk in aanraking komen met jongeren, signaleren de
problemen. In het overleg van een Netwerk 12+ kunnen die signalen worden gemeld
en wordt de hulpverlening afgestemd.
Samenwerking instanties
Om te voorkomen dat de problemen steeds groter worden waar jongeren van 12
jaar en ouder mee in aanraking komen, is het belangrijk zo snel mogelijk een
helpende hand toe te steken op de plaats waar de problemen zich voor het eerst
manifesteren. Dit is meestal in de wijk of op school. Instellingen op het
gebied van onderwijs, welzijn, jeugdhulpverlening en politie gaan meer en meer
samenwerken om zo de problemen van jongeren gezamenlijk aan te pakken. In de
praktijk is het immers vaak zo dat zij met dezelfde jongeren werken. De
samenwerking kan vorm krijgen in een Netwerk 12+.
Deelnemers
wijknetwerk 12+
Een Netwerk 12+ heeft een aantal vaste deelnemers waaronder jongerenwerk,
politie, leerplicht, jeugdhulpverlening en jeugdgezondheidszorg. Andere
instellingen kunnen ad hoc een bijdrage leveren
wanneer hun deskundigheid gewenst wordt. Elk Netwerk 12+ heeft een coördinator
die verantwoordelijk is voor de dagelijkse gang van zaken en die aanspreekpunt
is voor andere instellingen. Iedereen die professioneel in aanraking komt met
jongeren, kan meewerken aan een Netwerk 12+. Het kan dan zowel om docenten gaan
die zich zorgen maken over een jongere, als om een wijkagent die problemen
signaleert. Zij kunnen de netwerkcoördinator informatie over een jongere geven
of een jongere aanmelden. De coördinator van het netwerk brengt op zijn beurt
de jongere in bij het overleg. Hier wordt besproken welke stappen nodig zijn om
de jongen of het meisje verder te helpen.
Doel van het netwerk
Het netwerk beoogt een zo sluitend mogelijke aanpak van de hulpverlening aan
jongeren. De doelstelling van het netwerk is:
·
problemen van jongeren zo vroeg mogelijk
signaleren;
·
zo spoedig mogelijk hulp op maat bieden. De hulp
wordt zo dicht mogelijk aangeboden bij de plaats waar de jongeren wonen;
·
hulpverlening zodanig afstemmen dat geen overlap
van het hulpaanbod plaatsvindt.
Een welzijnsorganisatie is meestal verantwoordelijk voor de
coördinatie en de voortgang van het netwerk. Zij stelt de netwerkcoördinator
aan. De verschillende participanten aan een netwerk
sluiten een samenwerkingsovereenkomst met de welzijnsorganisatie, waarin taken
en verantwoordelijkheden zijn benoemd. In die overeenkomst is ook een
gedragscode opgenomen rond de privacy van jongeren. Daarin is vastgelegd hoe op
vertrouwelijke wijze met informatie over jongeren wordt omgegaan.
Bespreken van de
informatie en dan...
Op grond van informatie wordt de situatie van een jongere besproken en wordt
bekeken wat er verder moet gebeuren. Ontbreken er nog gegevens of moet er nader
onderzoek plaatsvinden, dan wordt één van de netwerkdeelnemers gevraagd de
ontbrekende informatie te verzamelen. Als de informatie compleet is, wordt in
het netwerk besproken welke acties ondernomen moeten worden en door wie dat
wordt gedaan.
Het kan ook zijn dat besloten wordt om af te zien van actie
en de jongere eerst een periode te volgen. Er wordt dan iemand aangewezen die
het contact met de jongere onderhoudt. Wanneer het netwerk direct actie
onderneemt, wordt één van de netwerkdeelnemers aangewezen als case-manager voor de jongere. Dat betekent dat hij ervoor
zorgt dat de benodigde ondersteuning daadwerkelijk geboden wordt. Het kan zijn
dat de case-manager die ondersteuning zelf biedt,
maar veelal worden andere instellingen ingeschakeld en volgt de case-manager het proces op de achtergrond. Op elk netwerkoverleg
wordt de voortgang gerapporteerd. Heeft het netwerk niet de juiste personen in
huis om actie te ondernemen of is er niemand die contact heeft met de
betreffende jongere, dan wordt doorverwezen naar instanties die wel een aanbod
kunnen doen, zoals Bureau Jeugdzorg. Eén van de netwerkdeelnemers zet zich er
dan voor in dat die doorverwijzing ook goed verloopt en treedt op als
contactpersoon.
Signaalfunctie in de gemeente
Behalve het afstemmen van het aanbod aan jongeren heeft het Netwerk 12+ ook een
belangrijke signaalfunctie rond het wel en wee in de gemeente. Met behulp van
de aanwezige informatie kan het netwerk zich een goed beeld vormen van de
problemen waarmee jongeren rondlopen. Ook heeft men daardoor zicht op mogelijke
achtergronden en/of samenhang tussen (veelvuldig) voorkomende problemen. Zo'n signaal kan worden doorgegeven aan bijvoorbeeld de
gemeente, politie of jeugdhulpverlening, zodat de problemen structureel
aangepakt kunnen worden.
Producten
Over de Netwerken 12+ zijn veel producten gemaakt, zoals:
·
een beschrijving van de werkwijze van de
Netwerken 12+ (basisprotocol);
·
een protocol met taken van alle deelnemers aan
de netwerken 12+ ;
·
werkafspraken met acht externe organisaties,
waaronder Raad voor Kinderbescherming, RIAGG, Bureau Halt en Bureau Jeugdzorg;
·
een folder over de “Utrechtse Wijknetwerken 12+”
voor alle professionals die werken met Utrechtse jongeren.
Al deze producten zijn opgenomen in het "Handboek
Wijknetwerken 12+", een losbladig systeem waaraan aanvullingen of
wijzigingen kunnen worden toegevoegd. Bovendien bestaat er een jaarverslag van
de gezamenlijke Netwerken 12+ in Utrecht.
Stade Advies kan u adviseren bij het opzetten van een
Netwerk 12+.
Voor meer informatie
of het maken van een afspraak, kunt u terecht bij
*